Logo texelsecourant.nl
De regels voor de wachtlijst voor strandhuisjes worden aangescherpt.
De regels voor de wachtlijst voor strandhuisjes worden aangescherpt. (Foto: archief Texelse Courant)
Blogs

De strandhuisslapers

  Column

Bij storm was het jarenlang een strijd tussen jutters en strandvonders. Als de rest beschutting zocht voor de storm, waren de jutters op jacht. Kijken wat er aanspoelde en het tijdelijk verstoppen in duinen om als een dief in de nacht weer te vertrekken. Later haalden ze dan de spullen weer op. Maar in de moderne scheepvaart gaat er steeds minder overboord en dus spoelt er minder aan. Maar een nieuw spannend spel dient zich aan. De clandestiene strandhuisslaper is geboren.

Ze bestonden al jaren, de clandestiene strandhuisslapers. Het is een vredelievend volkje dat achterblijft op het strand, nadat de andere strandgasten zijn vertrokken. Niemand nam ze echt waar, ook de gemeente niet. Het was niet bekend of ze bestonden of dat het hier een mythe betrof, gelijk de Sommeltjes... Mensen die zich 's nachts op het strand begeven, denken ze soms wel eens te herkennen. De dag er op vragen ze zich af of het een droom was of dat ze nou echt die grappige mensjes hadden gezien. Slapend in een huisje met weinig voorzieningen met een groezelig matrasje op de grond. Thuis in de winterverblijven schijnen ze complete kookeilanden te hebben, toch kiezen ze ervoor om in een hokje te slapen van 2,5 bij 3,5 meter. Het is een apart volkje, die strandhuisslapers. Een vreedzaam volkje, dat wel.

Dat volkje wordt nu bedreigd. Ze wisten dat ze er niet mochten wonen, die lieve, naïeve strandhuisslapers, maar ze dachten dat het wel los zou lopen. Het werd immers al jaren oogluikend toegestaan. Dat een verzoek voor officiële slaapstrandhuizen in 2012 niet werd toegestaan, vonden ze niet eens zo erg. Op deze manier bleef hun wereldje klein en wars van allerlei moderne, overkantse invloeden. In de zomer waren ze niet veel in hun veilige winterverblijf, ver van het strand. Toen één van hen toch even thuis was om foerage in te slaan, zag hij een brief op de mat. Een brief van de gemeente. Een brief die het volkje in paniek bracht. Zo snel als hij kon fietste hij terug naar zijn volk. "We moeten hier weg, ze gaan ons wegjagen. Het is belachelijk. We doen niemand kwaad en toch moeten we hier weg", schreeuwde hij ontzet tegen zijn volk, zijn familie. 

Terneergeslagen kropen ze bij elkaar, bij het kampvuur dat al net zo verboden was. "De dag die je wist dat ging komen is eindelijk daar....", neuriede één van de oudere strandhuisslapers weemoedig. Hij had het zien aankomen. De laatste jaren had hij zijn volk zien groeien. Niet alleen met bekenden, niet alleen met zijn Texelaars. Nee, er kwamen ook steeds meer vreemde mensen op het strand slapen. 'Toeristen' noemden ze die, had hij wel eens gehoord. Zelfs online werden de huisjes al verhuurd als overnachtingsverblijf, ze hadden het zelf ook met lede ogen zien gebeuren. De inrichting werd luxer, de cultuur van zijn volk werd bedreigd. Bovendien werd het volk te groot, het was wachten tot er ingegrepen werd. Ergens begrijpt hij het wel, als iedereen mag slapen in het strandhuisje, krijgt de gemeente er veel verantwoordelijkheid bij... En als er brand ontstaat en er vallen gewonden, krijgt de gemeente de schuld en schreeuwt iedereen moord en brand. Hij snapt het wel, maar begrijpt het niet. 

Hoe heeft het zo ver kunnen komen... Is het einde van zijn volkje nabij? Zijn de dagen van de strandhuisslapers voorbij... Ze hadden zoveel meegemaakt samen. De jaarlijkse start van het seizoen, stormen, maar dit.... Is dit een strijd die ze kunnen winnen? Dan staat een jongen op, een jochie eigenlijk. Hij kijkt de rest aan: "de jutters houden toch ook vol. Ja, het zijn er minder dan vroeger. Maar ze zijn er nog. Laten wij doen wat zij in hun hoogtijdagen altijd hebben gedaan. We maken er een kat-en-muis-spel van met de gemeente. Een duel: uitdelen, wegrennen, uitdelen, wegrennen. We verduisteren de ramen en als het donker wordt, doen we de lampen uit en sluiten we de deuren. We doen de deuren pas weer open als het licht wordt. Desnoods maken we vluchtroutes aan de achterkant." Zijn ogen beginnen te stralen, hij ziet het avontuur wel zitten, zij zijn de nieuwe jutters. Handhaver versus strandhuisslaper. Zullen er over zijn volkje over tientallen jaren ook van die prachtige verhalen worden verteld? Hij hoopt het. De stemming wordt beter. Het is een weerbaar volkje, de strandhuisslapers. "Laten we maandag bijeenkomen bij paal 12. Dan kunnen we de strategie bepalen...", spreekt hij de menigte toe. Zo gezegd, zo gedaan. De teerling is geworpen. Enigszins gerustgesteld kruipen de strandhuisslapertjes hun huisje in, tijd voor een lange nacht.

Job Schepers

De blogs worden geschreven op persoonlijke titel en vallen buiten de verantwoordelijkheid van de redactie. Het zijn geen journalistieke producties, maar stukken gevormd vanuit mijn mening. Ik ga graag de dialoog aan. Dat kan via Facebook onder het bericht, maar ook via de mail. Ik probeer altijd overal op te antwoorden.

Koppiestiêd op Texel
Voorziet de website wekelijks van een blog over wat er speelt op Texel.
Reageer als eerste
Meer berichten

Wat vindt u?

Parkeerplaatsen moeten niet ten koste gaan van publieke evenementen in het hoogseizoen (zoals nu bijvoorbeeld het circus).



Reageren!