Anders bekeken
Texels tegeltje
Hier voor me in het kantoor staat iets nieuws: een trofee. Manlief kwam ermee binnen na de barbecue op het voetbalveld van SVO. Zeven jaar geleden viel hij in het visruim, verbrijzelde zijn hiel en moest weer leren lopen. Door vele oefeningen loopt hij weer aardige afstanden. Het voetbal echter vergt een flinke trap en dat is niet meer te doen. Scheidsrechter zijn en fluiten lukt daarentegen nog prima en, daar er weinig scheidsrechters zijn, fluit hij daarom op zaterdag de kluit van Groen-Wit. Dat zijn geen onbewogen zaterdagen, nee, de jeugd van tegenwoordig heeft een andere mentaliteit en dat vergt de nodige aanpassing bij de scheids. Hij stapt vaak hoofdschuddend van de fiets, moet zijn verhaal kwijt, en de irritatie strijdt dan met zijn herinneringen. Vaak komt er een leuk verhaal of een iets geromantiseerd heroïsch avontuur uit de jeugd als ik vraag: “Hoe was het dan bij jullie?”
En hij vertelt: “Op weg met het elftal in een busje van Rentenaar is het al gauw dolle pret. Een man op een brommer, een soort solex, wordt ingehaald en flink uitgelachen. Ze moeten wachten bij een kruising en de brommer komt langszij. Een grote held, ik denk een spits, heeft het onzalige idee om de broek te laten zakken en voor het raam te ‘moonen’. Meerdere volgen zijn voorbeeld en de man bekijkt het schouwspel met een zeker afgrijzen. Al gauw zijn ze bij de plek van de vereniging, slepen ze de tassen naar de kleedkamers om zich daarna naar de grasmat te begeven om in te spelen. Daar in de verte komt een brommertje aan. De jongens wijzen… Het zal toch niet? De herkende man stapt ook een kleedkamer binnen en ja hoor, het blijkt de scheids te zijn!”
“Jullie waren toch ook niet zulke lieverdjes!” “Nee, maar veel fanatieker, we trainden meer en beter”, is eigenlijk altijd zijn antwoord. “Misschien moet je wat bijstellen?” En dat probeert hij, welzeker. Regels zijn regels, maar plezier is belangrijk, en luisteren naar de scheids ook. Waar hij het meest voor moet affluiten, is het asociale, onbeschofte gedrag. Oké, Tesselaars zijn soms wat bruut en ongecontroleerd in hun eilander krachten, maar het taalgebruik en de cognitieve vaardigheden laten nog wel eens te wensen over waar het de tegenpartij aangaat. En niet te vergeten de ouders die mee zijn langs de lijn. Lelijke scheldwoorden in gebiedende wijs, zoals: “Schoffel hem neer!”, zijn niet van de lucht. HCSC uit Den Helder is niet zo christelijk als de C doet vermoeden. De mannen gaan bijna met elkaar op de vuist. Nu snap ik de tegel en moet lachen: “Zonder jouw fluit was het hier al lang een chaos, bedankt!”
Erna