
Broadway 2026 smaakt naar nog heel veel meer
De ‘doorstart’ van Broadway is een groot succes geworden. Zo’n groot succes dat organisator Cor van Heerwaarden aan het eind van de slotavond vanaf het toneel van De Waldhoorn tegen het dolenthousiaste het publiek zei: “Ik ga het niet moeilijker maken dan het is: op naar 2028!”
Het was best spannend: zou de veertiende Broadway weer net zo in de smaak vallen als de voorgaande edities? Nog maar een jaar geleden kwam de aankondiging dat het huiskamerfestival in Den Hoorn zou ophouden te bestaan. Toen initiatiefnemer Cor van Heerwaarden vlak daarna liet weten dat zijn ‘kindje’ niet zou mogen sterven en dat hij voor het eerst sinds 2018 weer de organisatie op zich zou nemen, waren de verwachtingen direct al hooggespannen. Maar er was ook onzekerheid. Zou hij het op op zijn 76ste nog kunnen? Hoe zou de publieke belangstelling zijn? En hoe moest het verder nu theater De Toegift niet langer het centrale ontmoetingspunt zou zijn?
De start was al goed. Nadat het Hoornder fanfareorkest DEK het festival met feestelijke muziek had geopend, kon het huiskamerfestival echt beginnen. Niet alle kaartjes voor de eerste avond waren verkocht, maar dat was in het verleden ook maar zelden het geval. Maar met gemiddeld vijfentachtig procent bezette stoelen was het overal lekker druk.
Aandoenlijk ogende ezels
Dat vonden ook de artiesten, die er overduidelijk zin in hadden. Zoals comedian Edo Berger, partner van de Texelse Nina Willemse, die vertelde dat het zijn zevende Broadway was. “Toen Cor me vroeg of ik weer meedeed, zei ik tegen hem: ‘Natuurlijk, al moet ik achter de bar staan, ik wil er bij zijn!’”
“Je redt zo’n festival niet voor één editie, er moet ook een toekomst zijn”
Edo speelde bij Sander de Ridder, tegenover het voetbalveld van ZDH, met naast het huis een koppeltje aandoenlijke ogende ezels in de wei. Dat aangezicht deed hem besluiten de ruiten te blinderen. “Als cabaretier moet je niet hebben dat er buiten de zaal iets interessanters is te zien dan op het podium”, zei hij vooraf grijnzend tegen zijn suppoosten.
Verder dan het huis van Sander aan de Witteweg kon je niet van het dorpscentrum vandaan zijn. Het verste huis aan de andere kant was dat van Willem Duinker, aan het begin van de Herenstraat, vanaf het pleintje voor de supermarkt gezien. Een nieuwe theaterlocatie, evenals een paar andere huiskamers aan de Herenstraat. Noodgedwongen, omdat op Klif - de straat waar Broadway in 1998 werd ‘geboren’ - een paar bewoners na edities lang trouwe dienst waren afgehaakt. Daardoor waren de afstanden die de bezoekers moesten afleggen wat groter geworden en dat vergde van de organisatie en hun computerprogramma meer gepuzzel, want tussen de voorstellingen was er steeds niet meer dan een halfuur om naar het volgende adres te komen. Maar het was gelukt, al had een enkele oudere bezoeker de fiets meegenomen om zich te verplaatsen, waar in het verleden iedereen alle afstanden lopende aflegde.
Broadwayplein
Ongeveer in het midden, op de driesprong bij de fietsenwinkel van Vermeulen, was ‘het Broadwayplein’ ingericht, waar horecaondernemers Jongens van het Strand en Jacco Vermeulen voor een hapje en een drankje zorgden.
In totaal waren er op vrijdag dertig theaters en op zaterdag en zondag, toen ook de voetbalkantine beschikbaar was, zelfs eenendertig. Elke bezoeker kreeg op steeds weer een ander adres vier zeer uiteenlopende voorstellingen te zien, verzorgd door cabaretiers, kleinkunstenaars en muzikanten. Verspreid over drie avonden traden ruim honderd artiesten op. Zij werden in aantal overtroffen door de suppoosten die de kaartjes controleerden en als vraagbaak voor de bezoekers fungeerden: dat waren er 110 in totaal.
Voor de voorstellingen op zaterdag was Broadway al weken van tevoren uitverkocht en op zondag was het ongeveer net zo druk als op vrijdag. In totaal trok het festival ruim vierduizend bezoekers. “Die aantallen verkochte kaartjes namen vooraf veel van de druk weg. Daardoor heb ik ook in de nachten voor het festival goed geslapen. Maar het bleef natuurlijk spannend hoe het zou gaan”, kijkt Cor van Heerwaarden twee dagen later met nog schorre stem terug.
‘Nu komt het goed’
Het enthousiasme onder de artiesten was duidelijk groot. Zoals bij routinier Hans Sibbel (alias Lebbis), die samen met pianist Mattijs Verhallen naar Broadway was gekomen. “Toen ik de naam van Cor van Heerwaarden onder de uitnodiging zag staan, wist ik: nu komt het goed”, vertelde hij.
Maar ook veel jongere artiesten waren graag present. “Broadway is een prachtig evenement. Heel leuk om hier te mogen spelen”, zei de 26-jarige Luuk Ransijn, die het Broadwaypubliek alweer voor de derde keer trakteerde op mooie liedjes, zichzelf begeleidend op piano en gitaar.
Alle artiesten zetten hun beste beentje voor en dat werd duidelijk herkend door de bezoekers, die elkaar tussen de voorstellingen door enthousiaste verhalen vertelden over wat ze hadden gezien en gehoord. Natuurlijk waren er ook (lichte) teleurstellingen. Smaken verschillen nu eenmaal. De een heeft een voorkeur voor harde en snelle humor, de ander geniet meer van dromerige liedjes of diepzinnige gedichten. En een enkele keer leek het ook wel of de artiest gewoon (nog) niet het niveau had om op Broadway op te treden. Maar als bezoeker wist je dan: het duurt maar een halfuurtje en straks zit ik weer bij een andere voorstelling.
Artiestencafé
Mede dankzij het fraaie weer bleef het ook na afloop nog lang gezellig op straat. Ook het artiestencafé in De Waldhoorn trok veel belangstelling. De Nachtband, een grote publiekstrekker in de vorige edities, bestaat niet meer, maar op het toneel stonden een concertvleugel en een setje microfoonstandaards. Na een aarzelend begin beklommen diverse artiesten spontaan het podium om een liedje te zingen.
Johan Hoogeboom - die aan alle edities van Broadway meedeed en als pianist jarenlang de Nachtband leidde - liet de eer aanvankelijk aan zich voorbij gaan. Bewust: “Er zit genoeg talent onder de jonge generatie. Laat zij het maar overnemen”, verontschuldigde hij zich. Pas op de slotavond liet hij zich overtuigen dat hij niet helemaal mocht ontbreken en nam hij nog een paar keer kort achter de vleugel plaats.
“Hoe zou het bij de nazit gaan? Dat vond ik zelf nog het meest spannend. Maar gelukkig stond de jonge generatie spontaan op”, vertelde Cor van Heerwaarden na afloop. Helemaal aan het eind van het festival kwam de organisator zelf voor het eerst publiekelijk in beeld, toen hij het podium beklom om alle artiesten en vrijwilligers te bedanken en eindigde met: “Ik ga het niet moeilijker maken dan het is: op naar 2028!” De bomvolle zaal bedankte hem met een stormachtig applaus.
Hij kon niet anders, vond hij zelf. “Toen ik vorig jaar aankondigde de organisatie weer op me te nemen, gaf dat ook verplichtingen. Je redt zo’n festival niet voor één editie, er moet ook een toekomst zijn. Er moet dan zelfs nog een schepje bovenop, ook qua niveau van de artiesten.”
Belangrijke steunpilaren
Dat kan hij niet alleen, beseft hij, terwijl belangrijke steunpilaren binnen de organisatie als Joop Groeskamp, Joop Vlaming en Jan Commandeur ook de eeuwige jeugd niet hebben. “Gelukkig krijgen we steeds meer steun van jonge mensen. Ze draaien nu mee, zodat we onze taken uiteindelijk aan hen kunnen overdragen.”
De veertiende editie van Broadway smaakte naar heel veel meer, maar hoe Broadway er in 2028 precies uitziet, weet ook de organisator niet. “Dat hoeft niet precies hetzelfde te zijn als nu. Ik sta overal voor open en ik blijf mijn voelsprieten uitzetten.”
Joop Rommets






