Afbeelding

Feuilleton

Feuilleton door Wim Drijver

37. Texla

Op een avond nam mijn vader de boot naar Den Helder. Hij ging naar het station om onze nieuwe puppy op te halen die in een doos vanuit Brabant op de trein was gezet. Gewoon als vracht, dat kon toen kennelijk. Wij bleven in gespannen verwachting achter in onze woning vlak bij de veerhaven. Toen hij eindelijk terugkwam was de temperatuur, in ieder geval bij mij, tot het kookpunt gestegen.

Mijn vader zette de doos met indrukwekkende wikkels en stempels, die hij voor het effect weer even had dicht gedaan, op de grond en maakte hem langzaam open. Het hart bonkte mij in de keel. En daar lag ze in een bedje van vervuild stro. Een mager klein trillend scharminkel dat het trauma van de achterliggende reis haar leven lang met zich mee zou dragen. Haar bange ogen keken omhoog en zes (of vijf, mijn broertje lag misschien al in bed) paar ogen keken terug en sloten de verbintenis. Wij zouden voor Texla zorgen en van haar houden! En dat hebben we hartgrondig gedaan.

Mijn opa had al een pointer (Anka) en mijn vader wilde er dus ook één. Een pointer is een Engelse staande jachthond die vooral gebruikt wordt bij de jacht op fazanten en patrijzen. Wanneer de hond wild ruikt gaat ze ‘voorstaan’. Ze bevriest met één voorpoot omhoog, de staart gestrekt en de neus in de richting van de prooi. De jager weet dan dat er wild gedetecteerd is, komt naderbij en stimuleert de hond het wild op te stoten. Om de tere zielen onder de lezers niet te provoceren laat ik het hierbij, maar u begrijpt dat dit voor de gevederde vriend meestal niet goed afliep.

Op zichzelf is de pointer niet de meest voor de hand liggende jachthond op Texel. Het is geen waterhond, een matige apporteerder en in het veld heeft ze de neiging te ver vooruit te gaan en out of control te geraken. Kortharig, slank en atletisch gebouwd met een indrukwekkende borstkas is de pointer in staat de windhond bij te houden en een topsnelheid van 70 kilometer per uur te bereiken.

Mijn vader raakte erg gehecht aan Texla en stak veel tijd in het africhten. Op de zaterdagen ging de hond mee met de boerenjachtclub. De recensies waren gemengd. Soms deed ze het goed, voorstaan kon ze als geen ander, maar menig haas dankte haar het leven omdat ze ver buiten schot door Texla werd opgeschrikt en er vervolgens (als een haas) vandoor ging.

Voor mij was het belangrijkst dat het een aandoenlijk schepsel was. Ze was nerveus en angstig aangelegd en lag vaak trillend in haar mand. Van de weeromstuit riep dat bij mij de neiging op om extra lief te zijn, een eigenschap die in mijn karakter niet boven op de stapel lag. Ik denk dat ik mijn vader in mijn jeugd één keer heb zien huilen en dat was toen hij mij bij de veearts, die notabene gevestigd was in Huize Texla, vertelde dat onze hond op zevenjarige leeftijd een spuitje zou krijgen. Ze was half verlamd thuisgekomen, waarschijnlijk na het eten van vergif op een bouwplaats naast ons in het dorp, en niet meer te redden. We hebben Texla liggend in haar mand begraven op de Helmbol.

Bang hondje in een doos

Op transport gezet naar Texel

Eerst de rivieren en dan nog

Het Marsdiep oversteken

Vier kinderen wachten haar op

Welkom waar het altijd waait