Theo Dogger als kapitein in de stuurhut van TESO.
Theo Dogger als kapitein in de stuurhut van TESO. Foto: Keesnan Dogger

Kapitein van TESO, visser en jager

Theo Dogger was onze buurman, maar ook een soort familie. In het afgelegen buurtje in ‘De Prins’ waar wij woonden, ging dat nou eenmaal zo.


In het huis naast ons woonden Theo’s vader en moeder, voor ons ‘tante Vrouwtje' en 'ome Kees', bij wie wij geregeld over de vloer kwamen. De Doggers waren komvissers. Hun fuiken stonden in de Waddenzee, ooit de Zuiderzee. Met de visserij op haring, ansjovis en allerlei andere soorten vis verdienden ze hun boterham.

Mijn vader en moeder kwamen begin jaren zestig met hun zeven kinderen naast de Doggers wonen. Toen ome Kees hoorde dat hij een rooms gezin als buren kreeg, stemde hem dat naar verluidt tevreden. “Die eten vrijdags vis”, zou hij hebben gezegd. En inderdaad, elke vrijdag aten wij verse vis. De Doggers verwenden ons wekelijks met heerlijke paling en andere vis.

Theo ging naar de ambachtsschool, waar hij het diploma leerling-monteur behaalde. Hij sleutelde bij de firma De Graaf en Schoorl tweeënhalf jaar lang aan landbouwwerktuigen en oliekachels. Na zijn dienstplicht - hij was ‘Huzaar van Prins Alexander’ bij de cavalerie - verkoos hij het werk in het ouderlijk bedrijf. Samen met ome Kees leegde hij de visfuiken, maakte de vis schoon en verkocht de waar. Andere poot in hun bedrijf was de jacht. 

Met de verhuur van bootjes speelden de Doggers in op de toeristische markt. Ze leverden hun klanten ook aas. Om die sneller aan de man te brengen, bedacht het duo een reclame-slogan: ‘Super-elite pieren’. Met ernaast de appetijtelijke afbeelding van zo’n worm in een - voor die jaren - uitdagende bikini.

Na verloop van tijd koos Theo voor een andere toekomst. De spoeling werd dunner. Hij werkte een poosje bij de visserij-inspectie in Den Helder en voer met een stalen botter over de Waddenzee.

Totdat hij hoorde dat ze bij TESO een stuurman zochten. “Ik begrijp dat jullie op zoek zijn naar een stuurman, nou hier ben ik”, meldde hij zich op kantoor. Theo kwam op de Marsdiep. Hij wilde kapitein worden van zo’n schip en haalde zijn schippersdiploma. Toen kapitein Harm Broersma met pensioen ging, kon Theo zijn plaats innemen.

Als kapitein had hij niet alleen de algehele leiding, maar ook de volledige verantwoording over het schip en alle opvarenden. Theo’s luide stem schalde soms door de intercom, als de passagiers ergens over moesten worden ingelicht.

Theo trouwde met Annie Weijdt, ze kregen een zoon, Keesnan. Die was een jaartje of tien jonger dan ik. Toen ik op naar de middelbare school ging - en het weer te slecht was om terug te fietsen - kon ik ‘s middags terugrijden met Annie, die Keesnan in de DAF van de Thijsseschool haalde.

In 1990, ik werkte nog maar nét voor deze krant, mocht ik Theo interviewen. Aanleiding was zijn 25-jarig jubileum bij TESO. Theo vertelde dat hij toen precies 35.625 keer heen en weer was gevaren. “De afstand Texel–Den Helder is ongeveer vier kilometer, dus ik zit bijna aan de 300.000-kilometergrens”, rekende hij voor.

Theo schreef jarenlang voor de personeelskrant van TESO ‘Tussen wal en schip'. Zijn rubriek heette ‘De onbekende bekende'. Daarin interviewde hij collega's, veel oudgedienden. Het schrijfwerk werd graag gelezen door collega's.

Na zijn pensionering bleef Theo vissen en jagen. En werd vrijwilliger bij de schietsportvereniging. Hij stond aan de wieg van het schietsportcentrum en was vanaf het begin nauw betrokken bij de bouw en ontwikkeling. Theo's mateloze inzet, vakmanschap en niet aflatende bereidheid zich voor de verenigingen te zetten, maakten diep indruk. Voor zijn ‘uitzonderlijke verdiensten' werd hij benoemd tot Erelid van Eilandschutters Texel en Sportschutters Texel.

Hij bleef kapitein, zo stond hij ook bekend in het Huis van Tante Jans, waar hij de laatste periode van zijn leven woonde. Theo Dogger overleed woensdag 4 maart. Hij werd 88 jaar.


Gerard Timmerman