
"Nieuw tijdperk zeeonderzoek"
Met de RV Anna Weber-van Bosse zet het NIOZ een grote stap vooruit in het mariene onderzoek. Volgens NIOZ-directeur prof. dr. Han Dolman en marien geoloog prof. dr. Gert-Jan Reichart, is het schip essentieel voor het zeeonderzoek van de komende decennia.
“Het primaire belang is eigenlijk heel simpel,” zegt Dolman. “Zonder schepen kun je geen onderzoek doen op zee. Je hebt ze nodig om op de plekken te komen waar je onderzoek wilt uitvoeren. Dat geldt nog steeds: om metingen te doen, monsters te nemen en experimenten uit te voeren heb je een schip nodig.”
Veelzijdig onderzoeksschip
De Anna Weber-van Bosse is een innovatief, duurzaam en speciaal ontworpen schip voor een breed scala aan oceaanonderzoek. Het kan standaardwerk uitvoeren, zoals het nemen van watermonsters, maar biedt ook mogelijkheden voor geavanceerde onderzoeksapparatuur.
“Het schip is heel breed inzetbaar,” legt Reichart uit. “We kunnen er watermonsters mee nemen, maar ook autonome voertuigen lanceren en robots op de diepzeebodem laten werken. Daarnaast kunnen we sedimentkernen uit de zeebodem halen om klimaatomstandigheden uit het verleden te reconstrueren. Een belangrijk voordeel is dat we een deel van de voorbereiding en analyse direct in de laboratoria aan boord kunnen doen.”
Ook het ontwerp van het schip zelf is afgestemd op de omstandigheden waarin onderzoekers werken. “Het schip is zo ontworpen dat we ook bij slechter weer goed kunnen werken,” zegt Reichart. “Dat zie je bijvoorbeeld aan de boeg, die een bijl-achtige vorm heeft. Daardoor snijdt het schip beter door de golven. Dat is belangrijk, omdat we vaak in de noordelijke Atlantische Oceaan werken, waar het weer ruig kan zijn.”
“Het schip is zo ontworpen dat we ook bij slechter weer goed kunnen werken
Daarnaast heeft het schip een zogeheten ijsklasse. “Dat betekent dat de romp rond de waterlijn extra sterk is uitgevoerd,” zegt Reichart. “Het schip is geen ijsbreker, maar het mag wel in gebieden met zee-ijs opereren.”
Snelle veranderingen
Die mogelijkheid is belangrijk omdat veel onderzoek zich richt op de noordelijke oceanen. Volgens Dolman speelt de oceaan een cruciale rol in het mondiale klimaatsysteem.
“De oceaan reguleert in sterke mate het klimaat, ook op korte termijn,” zegt hij. “Wat er momenteel gebeurt in de noordelijke gebieden is bijvoorbeeld de mogelijke verzwakking van de Noord-Atlantische oceaancirculatie. Dat wordt vaak vereenvoudigd als ‘de Golfstroom die verzwakt’, maar het gaat eigenlijk om een complexer circulatiesysteem.”
Veranderingen daarin kunnen grote gevolgen hebben voor Europa. “Als die oceaancirculatie verandert, kan dat betekenen dat het hier lokaal kouder wordt, terwijl het mondiale klimaat juist verder opwarmt,” legt Dolman uit.
Daarnaast warmen de poolgebieden sneller op dan de rest van de aarde. “Dat noemen we polaire amplificatie,” zegt Reichart. “De sterkste klimaatverandering zien we bij de polen. Als we naar de huidige voorspellingen kijken, is de verwachting dat de Noordpool in de zomer rond het midden van deze eeuw grotendeels ijsvrij kan zijn. We willen graag weten wat er verandert en hoe dat gaat. Dat maakt het een cruciaal gebied om te onderzoeken.”
Van pool tot tropen
Hoewel het schip geschikt is voor onderzoek in het hoge noorden, wordt het wereldwijd ingezet. “We doen klassiek marien onderzoek in veel verschillende gebieden,” zegt Reichart. “Van de poolgebieden tot de tropen. Maar ook dichter bij huis, bijvoorbeeld in de Noordzee, het grootste natuurgebied van Nederland.”
Het nieuwe schip volgt daarmee de traditie van zijn voorganger, de RV Pelagia, maar met meer mogelijkheden en strengere veiligheidsnormen.
“Vroeger voeren we bijvoorbeeld nog vlak langs ijsbergen,” vertelt Reichart. “Dat mag tegenwoordig niet meer met een schip zonder ijsklasse. Veiligheidseisen zijn veel strenger geworden. Ook het werken met zware apparatuur aan dek gebeurt nu met systemen die veel veiliger zijn dan vroeger. Een schip waarmee we aanzienlijk meer kunnen doen en ook veiliger.”
Dolman noemt het schip daarom een grote stap vooruit. “Het lijkt misschien een kleine stap – een nieuw schip voor een oud schip – maar voor het NIOZ is het een enorme sprong voorwaarts. Het aantal mogelijkheden is echt veel groter.”
Ruimte voor 49 mensen
Aan boord is ruimte voor in totaal 49 mensen, inclusief bemanning en wetenschappers. Dat biedt nieuwe kansen.
“We hopen meer disciplines tegelijk aan boord te krijgen,” zegt Dolman. “Bijvoorbeeld fysisch oceanografen die samenwerken met biologen. Daardoor kunnen we expedities efficiënter inzetten en ook expedities combineren.”
Ook voor studenten en journalisten komt er meer ruimte. “Het onderzoek wordt met publiek geld gefinancierd,” zegt Dolman. “Daarom vinden wij het belangrijk om te laten zien wat we doen. Journalisten aan boord helpen om het verhaal van oceaanonderzoek breder te vertellen. En studenten meenemen is essentieel om de volgende generatie oceanografen op te leiden.”
Publiek gefinancierd onderzoek
Gevraagd naar de kosten voor het schip, is het antwoord dat met de bouwer is afgesproken dat het aanbestedingsbedrag geheim blijft. Bij benadering is wel een inschatting te maken. Gemiddeld genomen kost een schip van dergelijke omvang €1 miljoen per strekkende meter. De Anna Weber-van Bosse heeft een lengte van 80 meter.
De bouw van het schip is mogelijk gemaakt door financiering van de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO). Het schip staat daarom ter beschikking van de hele Nederlandse onderzoeksgemeenschap.
“Onderzoekers kunnen via NWO een onderzoeksvoorstel indienen,” legt Dolman uit. “Als daarin scheepstijd nodig is, kunnen ze gebruikmaken van dit schip. In die zin is het vergelijkbaar met een groot onderzoeksinstrument, zoals een deeltjesversneller in de natuurkunde.”
Daarnaast worden soms ook opdrachten uitgevoerd voor andere onderzoeksinstituten. “Maar daar gelden strikte regels voor,” benadrukt Dolman. “We doen geen onderzoek voor bijvoorbeeld oliemaatschappijen en concurreren niet met commerciële bedrijven. En we richten ons op partijen die werken aan kennis en duurzaamheid.”
Jarenlange voorbereiding
Aan de bouw van het schip ging een langdurig proces vooraf. “We zijn begonnen met een ronde langs universiteiten en onderzoeksinstituten in Nederland,” vertelt Reichart. “We vroegen: wat willen jullie met zo’n schip kunnen doen?”
Op basis van die wensen en eisen werd samen met ontwerpers en bemanning het concept uitgewerkt. “We hebben letterlijk het hele schip op de vloer van een loods uitgetekend met touwen om te zien of alles logisch werkte.”
Daarna volgde een Europese aanbesteding, waarna een scheepswerf de opdracht kreeg om het schip te bouwen. Van de eerste plannen tot het uiteindelijke schip duurde het proces ongeveer acht jaar.
“Zo’n schip gaat ongeveer dertig jaar mee,” zegt Dolman. “Daarom wil je geen fouten maken. De voorbereiding kost tijd, maar dat is noodzakelijk.”
Eerste expedities
Na de doop volgen eerst nog enkele tests op zee. Daarna staat de eerste grote onderzoeksreis gepland in de Noordzee.
“Dat wordt een gezamenlijke expeditie van het NIOZ en TNO,” vertelt Reichart. “We gaan kijken naar de biologie en geochemie van het sediment op de Noordzeebodem, onder andere naar de opname en uitstoot van koolstof. Daarnaast wordt onderzoek gedaan naar veranderingen in de zeespiegel.”
Volgens Dolman markeert de komst van het schip een nieuw tijdperk voor het Nederlandse zeeonderzoek.
“Een marien instituut zonder schepen kan eigenlijk niet bestaan,” zegt hij. “Dit schip vormt de basis voor de volgende dertig jaar oceaanonderzoek.”
Meeste tijd op zee
Wie zich heeft ingeschreven voor de Open Vlootdag komende zaterdag (is inmiddels volgeboekt) kan de RV Anna Weber-van Bosse van dichtbij bekijken. Een buitenkansje, want de meeste tijd zal het schip op zee doorbrengen, gemiddeld doet het een keer of twee per jaar de haven aan.
Gerard Timmerman
