Zwartmoeskervel
Zwartmoeskervel Foto: aangeleverd

Zwartmoeskervel, zandbij en bijenorchis

Voordat gemeenten of instanties ergens willen bouwen of groot onderhoud willen plegen, moeten ze aan de nodige regelgeving voldoen. Aanwezigheid van bepaalde planten- en dierensoorten geven bij voorbaat al een specifieke werkwijze aan. Denk hierbij aan  vleermuizen, huismussen of gierzwaluwen, maar ook aan diverse plantensoorten. Als werkdocument heeft het college de 'Gedragscode soortenbescherming gemeenten 2025' van Stadswerk vastgesteld. Naast het document is een lijst van soorten toegevoegd die specifiek voor Texel van belang zijn.

Het doel van de Gedragscode is om te voorkomen dat wordt gehandeld in strijd met de natuurregels. Bij aantoonbaar zorgvuldig handelen, geldt vrijstelling van bepaalde verbodsbepalingen in de wet. Zonder Gedragscode zou voor veel werkzaamheden eerst een omgevingsvergunning voor een flora- en fauna moeten worden aangevraagd. Dat kost tijd en geld", zo schrijft het college. 

Een greep uit de Texelse plantensoorten. Zwartmoeskervel (niet gek, in Nederland samen met Pampus en stukjes Den Helder de enige plek waar de plant groeit), de spiraalrupia, gulden boterbloem, bijenorchis en brede wespenorchis. Bij de insecten staan onder meer het groentje, de argusvlinder en de grote bosbesuil, de Texelse zandbij en de moshommel op de lijst. Op de totale lijst van planten, insecten en schimmels staan 33 soorten. Die hebben door plaatsing op de doelsoortenlijstlijst geen beschermde status. De gemeente geeft hiermee echter wel aan welke soorten op Texel een belangrijke rol spelen en spreekt zo de intentie uit voor het belang van de soorten en soortgroepen op te komen.


Aanleiding voor het werkdocument is het feit dat bepaalde werkzaamheden gevolgen kunnen hebben voor individuele planten en dieren en nadelige effecten op rust en voortplanting. Door te handelen volgens deze gedragscode worden negatieve effecten op (lokale) populaties van beschermde dieren en planten inzichtelijk gemaakt en voorkomen of beperkt. Denk hierbij bijvoorbeeld aan broed- en bloeiperiodes van planten en dieren. Ook vanuit maatschappelijk motief neemt de vraag in zorgvuldig omgaan met de omgeving juist toe. In de omgevingswet is dit dan ook onderdeel van het eisenpakket voor vergunningen.   

De gedragscode

In eerste instantie lijkt het vooral lastig op het moment dat er wat moet gebeuren. Toch levert het document ook voordelen op. Zo staat in het voorwoord omschreven: "Met deze gedragscode beschikt de sector weer over een actuele gedragscode waarmee enerzijds het zorgvuldig handelen ten aanzien van beschermde planten en dieren wordt vormgegeven en geborgd. Daarmee worden nadelige effecten aan beschermde planten en dieren voorkomen en wordt er natuur-inclusief gewerkt. Anderzijds is deze gedragscode een vrijstelling voor het beperkt en onder voorwaarden aantasten van rust- en voortplantingsplaatsen en leefgebieden om daarmee werkzaamheden zorgvuldig door te kunnen laten gaan zonder langdurige trajecten voor het aanvragen van een omgevingsvergunning."

Wanneer het document, wat dus ook voor Texel is vastgesteld, op de juiste manier wordt nageleefd, voorkomt het dat bouwprojecten langdurig worden stilgelegd, zonder dat hier echt aanleiding voor is. Op de lijst van vrijstellingen onder meer soorten als de dwergspitsmuis, de huisspitsmuis en de veldmuis.