Logo texelsecourant.nl
Impressie van hoe het terrein van wijlen Ide Kok er volgens de plannenmakers uit moet komen te zien in de toekomst.
Impressie van hoe het terrein van wijlen Ide Kok er volgens de plannenmakers uit moet komen te zien in de toekomst.
Wat ik zeggen wou

Plan Mokweg

  Ingezonden

De plannen voor het cultuurcentrum aan de Mokweg, vanavond op de agenda van de vergadering raadscommissie, blijven de gemoederen bezighouden. Onderstaande brieven ontvingen we van lezers.

Geachte Gemeenteraadsleden van Texel,

U heeft van het College van B&W het voorstel ontvangen om 40 (of 35?) nieuwe recreatieve slaapplaatsen cadeau te doen aan de initiatiefnemers van de plannen voor Mokweg 4 in Den Hoorn. De realisatie hiervan zou betekenen dat er een groepsverblijf of een bungalowpark(je) verrijst in een bijzonder plezierige en rustige woonomgeving. De exploitatie van de slaappplaatsen, of ze nou innovatief zijn of niet, zal ernstig afbreuk doen aan het woongenot van de omwonenden.

Wij zien het verband niet tussen de doelstelling van het centrum en de noodzaak van recreatieve slaapplaatsen. Uit de plannen blijkt ook duidelijk dat dat er slechts in beperkte mate is: de plaatsen worden ook verhuurd aan toeristen die niet tot de deelnemers van het centrum MOK behoren. Geheel vrij spel dus om een gewoon en niet-innovatief bungalowpark te exploiteren op basis van zogenaamde innovatieve slaapplaatsen. Het 'belevingsmotief' voor de eigen slaapplaatsen kunnen wij alleen maar zien als een façade voor het economische motief. Eigenlijk onbegrijpelijk dat B&W geheel voorbijgaan aan de belangen van de bestaande bewoners, terwijl deze toch mogen verwachten dat het gemeentebestuur hun belangen bewaakt. Het komt dicht bij onbehoorlijk bestuur om bewoners te overvallen met een volkomen onverwacht voorstel om een agrarische bestemming om te zetten in een bestemming die de mogelijkheid biedt om een groepsverblijf of bungalowpark te beginnen en de bestaande bebouwing te verbouwen, te vervangen of te vernieuwen. Gezien de omvang en kwaliteit van de bestaande bebouwing in relatie tot het aantal te realiseren slaapplaatsen zal de verbouwing/vervanging/vernieuwing vooral neerkomen op aanzienlijke vergroting.

Uit het bovenstaande zult u begrijpen dat wij felle tegenstanders zijn van de realisatie van de 35 of 40 recreatieve slaapplaatsen op Mokweg 4. Wel hebben wij waardering voor de basisplannen van de initiatiefnemers. Wellicht een geruststelling voor hen: in de directe omgeving van MOK zijn genoeg slaapplaatsen voorhanden: chalets, hotels en B&B's.

Frans en Marianne Kamphuis, Naalrand 24

Mokweg 4, te leen van de toekomst

Twijfel, wel of niet een reactie sturen? Realisme hield me tegen. Wat kan ik inbrengen tegen een door professionals beschreven plan, waarbij bezwaren meteen op basis van de kernwaarden en Texelprincipes weerlegd lijken te worden. Punt voor punt wordt beschreven waarom dit plan voldoet, en het lijkt uit te willen stralen dat bezwaar maken geen zin heeft.  Zoals meneer Vermeulen in zijn reactie in de Texelse Courant, dd. 23 september al aangaf "Het plan zal tranentrekkend mooi zijn en met die slaapplaatsen zal het (aanvankelijk) 'reuze meevallen'."

Maar te vaak zijn in Nederland dit soort plannen gemaakt om te weten dat het in de praktijk anders uit zal pakken, dat de ruimte die er is genomen wordt. Of liever, dat net een stukje verder wordt gegaan. En na een jaar weer wat verder ... Na een aantal jaren worden er ergens anders nieuwe kansen gezien, is een nieuwe uitdaging nodig en wordt de aandacht verplaatst naar een ander deel van de wereld waar het dan 'nog echt stil is'.

Amsterdam is vol, in Amsterdam is voor de drukke mens blijkbaar geen plek om tot rust te komen, om goede ideeën te krijgen. Daarvoor is dan de rust van een andere omgeving nodig, met een vrijstaand bad wat uitkijkt over de duinen. Het moet een beleving zijn, zonder beleving geen inspiratie. Toch zijn er veel mensen in Amsterdam die het ook zo lukt, die met beide voeten op de grond zien hoe ze aan kunnen sluiten bij wat er al is. Er is zoveel goeds in Den Hoorn. Je moet je dan wel ondergeschikt maken aan het geheel,  het is niet meer jouw plan, je moet samenwerken, water bij de wijn doen.

Kantoorruimte? Verblijf voor tijdelijk personeel? Hoort dat bij de beleving, bij de inspiratie? Het houthok, het kippenschuurtje, de bollenschuur, deze zouden bij de beleving moeten horen. Ik zou willen zeggen: voorlopig niets aan doen. Rij een ingerichte pipowagen het erf op, haal 's morgens je eigen broodje bij de winkel, je kopje koffie bij Paal 9 en kijk wat er dan gebeurt. Economisch zal dat niets brengen, het is geen investering, een architect zal er niet aan verdienen. Als er geen centrum opgericht hoeft te worden, hoeven er geen verblijven gebouwd, geen geld terugverdiend te worden. Dan kun je lopen over de Hors, vogels kijken met Klaas de Jong, met de boswachter over de paadjes waar je anders niet kunt komen. Leren zien wat er te zien is, waar we zuinig op moeten zijn, zuinig op willen zijn. Dan kunnen kinderen met nieuwe vriendjes spelen in het bosje achter op 't land, hutten bouwen, de zwaluwen in het voorjaar de stolp in zien vliegen. Dan kun je echt breken met de stress van de randstad. En als het dan onverhoopt saai wordt en het verlangen terug te gaan te groot wordt, heb je mooie herinneringen en blijft er geen recreatiegebied achter maar een terrein wat nog steeds past binnen het landschap. Gewoon een tijdje te leen gehad van de toekomst.

Rianne Merks, Mokweg 3, Den Hoorn

Open brief aan gemeentebestuur

Onder de kop 'Prachtig terrein om te houden zoals het is' werd afgelopen 23 september het plan uit de doeken gedaan om aan de Mokweg 4 een 'cultureel centrum' in te richten met 'maximaal 35 slaapplaatsen'. Naast verbouwing van al bestaande gebouwen, komen er vier nieuwe gebouwen. Er wordt gesproken van 'verbouwing van een zomerschuur en een moestuinschuur', terwijl deze bescheiden uit wrakhout opgebouwde schuurtjes zonder meer tegen de vlakte zullen gaan, en het dus niet om verbouw maar om nieuwbouw gaat.

Al even misleidend is de vanuit vogelperspectief gegeven impressie van het terrein: de tientallen door gasten geparkeerde auto's (los nog van die van de openbare bijeenkomsten) zijn kennelijk in een ondergrondse parkeergarage verdwenen. We zien een idyllisch parklandschap waarin ook de chalets van de op een steenworp afstand gelegen camping in rook zijn opgelost – chalets die immers de noodzaak voor eigen gastenbedden maar zouden ondergraven.

Het is moeilijk in te zien hoe je bij een dergelijke aantasting kunt spreken van 'een prachtig terrein om te houden zoals het is'. Ik dacht altijd dat je het dan gewoon met rust moest laten, maar nee hoor, je blijkt er huisjes en automobielen op te moeten zetten.

De afgelopen jaren is de Mokweg veranderd: nog zijn er rustige dagen, maar steeds vaker is er het gepruttel van tuktuks, de drens van motoren en auto's. En dertig kilometer per uur, daar houden alleen de Duitsers zich aan. Het is een optelsom: de afgelopen jaren zijn seizoensplaatsen omgezet in permanente chalets, Jef plakt een hotelletje aan zijn nering vast, er komt nog een uitkijkduin aan het eind van de Mokweg. En nu dit culturele centrum. Uiteindelijk zal de Mokweg te smal blijken en worden verbreed, van het een komt het ander, en zal het karakter van het gebied veranderen. Dat het sluipenderwijs gaat, maakt het heel moeilijk er greep op te krijgen. De drukte die deze Amsterdammers juist zeggen te willen ontlopen, nemen ze in hun kielzog mee. Ze weten het trouwens goed te brengen; er wordt met het 'verloren-zoon-keert-terug-naar-het-eiland-sentiment' geschermd. Maar dat ze 'Texelse roots' hebben, zou bij een dergelijke aanvechtbare beslissing niet uit moeten maken: als ze zich vanwege hun afkomst meer kunnen veroorloven, kan dat niet anders worden gezien dan als een vorm van nepotisme.

Een parallel met Amsterdam is in zoverre interessant dat men daar de greep op de onstuimige groei van het toerisme volledig heeft verloren en het gemeentebestuur inzet op 'spreiding in de wijk', zogenaamd om de druk op het centrum te verlichten. Het resultaat is te voorzien: het zal óveral en in alle seizoenen druk worden, en het centrum zal van dat beleid niet profiteren. Een dergelijk verschijnsel lijkt op Texel, binnen een andere context – daar cultuur, hier natuur – ook plaats te vinden. Het met de mond belijden van Texelse 'kernwaarden', rust en ruimte, is niet moeilijk, de praktijk is weerbarstig. Het zijn tamelijk weerloze waarden die zich maar moeilijk laten verdedigen. Stukje bij beetje wordt er aan geknabbeld. Ze hebben misschien een beetje last van die andere kernwaarde: het geld.

Bij het plan voor Mokweg 4 draait het allemaal om de interpretatie van het woord 'innovatief'. Je zou denken dat Den Hoorn met de drie bestaande culturele centra (De Drijverschool, Klif 12, dorpshuis De Waldhoorn) wel vooruit kan, en dat een eventuele fotografieworkshop etc., daar ergens wel een onderkomen kan vinden, maar toch, een vierde is 'innovatief' genoeg voor 35 bedden. Het is van elastiek, dit criterium, je kunt het zus interpreteren, en zo. Als zodanig is er niet van te winnen.

Mijn hoop richt zich op de gemeenteraad. In breder perspectief zou de gemeente er goed aan doen een streep te trekken onder het aantal slaapplaatsen, voor heel Texel, zonder uitzonderingen. Uitzonderingen geven bij voortduring gesteggel. Ik maak me weinig illusie over het moment dat de huidige vierhonderd slaapplaatsen vergeven zijn. Het is moeilijk, het is een diep menselijk iets: er zit nu eenmaal veel meer aardigheid in het scheppen, het creëren (bijv. slaapplaatsen), dan in het handhaven. Maar hoe moeilijk ook: binnen het bestaande zullen ondernemers het moeten hebben van het scheppen van kwaliteit.

Het is makkelijk een vergunning te verlenen, maar veel moeilijker er af te komen. Te overwegen valt een gemeentefonds op te richten waarmee bij bedrijfsbeëindiging of overlijden ongewenste 'bedden' kunnen worden opgekocht en uit de markt genomen. Vervolgens kunnen deze, bij een wenselijke ontwikkeling, worden uitgegeven. Bedden vertegenwoordigen nu eenmaal een economisch kapitaal. Hiermee zou de gemeente een instrument verwerven om het gewenste toerisme enigszins te sturen. Onder andere opdat de kip met de gouden eieren niet tot een plofkip verwordt.

Hans Derksen, Mokweg 3, Den Hoorn

Gerard Timmerman
Gerard Timmerman, hoofdredacteur Texelse Courant en Texel Magazine. Lid Redactioneel Overleg Nederlandse Nieuwsblad Pers.
Meer berichten