Dat is volgens het onderzoeksinstituut in Den Helder een toename van bijna 20 procent ten opzichte van vorig jaar. In de gehele Waddenzee (met het Duitse en Deense deel erbij) werden 7.649 zeehonden geteld; bijna 17 procent meer dan vorig jaar. 

Onderzoek naar minimale menselijke verstoringsbronnen of invloed mooi weer

Volgens Wageningen Marine Research moet trendonderzoek uitwijzen in hoeverre minimale menselijke verstoringsbronnen vanwege de lockdown of mooi weer van invloed zijn geweest op de toename van de populatie.

De tellingen werden begin april vanuit een vliegtuig uitgevoerd; dan liggen de meeste grijze zeehonden vanwege de ruiperiode op het droge waardoor ze goed zichtbaar zijn.

Volgens Wageningen was het een uitdaging om de 1,5 meter afstand in een klein vliegtuig te bewaren, maar is dat met enige aanpassingen gelukt.


Wageningen Marine Research

In de winter werden ook de pasgeboren pups op de hoger gelegen zandplaten in het Waddengebied geteld om een indicatie van de lokale voortplanting te hebben.

In de totale Waddenzee was volgens Wageningen Marine Research een toename van 2 procent in het aantal pups van grijze zeehonden. Dat was minder dan de toename van 22 procent een jaar eerder. De piek in geboortes lag het afgelopen geboorteseizoen rond 19 december, waarbij in Nederland 932 pups werden geteld. 

Het kan zijn dat pups van de kolonies zijn weggespoeld door stormachtig weer

Het Nederlandse aantal pups lag daarmee ongeveer 12 procent lager dan het jaar ervoor. Onderzoeker Jessica Schop van Wageningen Marine Research denkt dat stormachtig weer, vlak voor de telling in december, deze daling sterk heeft beïnvloed. 

“Het kan zijn dat veel van de pups toen van de kolonies zijn weggespoeld, hetzij naar hoger gelegen platen of duinen waar ze moeilijker te tellen waren, hetzij te water zijn geraakt,” aldus Schop.