Dat bevestigt onderzoek door archeoloog Marcel Niekus van Stichting Stone, gespecialiseerd in onderzoek naar de Steentijd. Dekker is ervan overtuigd dat de stenen afkomstig zijn van een plek op één tot anderhalve kilometer ten westen van de Razende Bol, een plek waar zand is gewonnen voor de Prins Hendrikdijk en de suppletie bij paal 9. Onder invloed van stroming zijn de stenen op De Hors terechtgekomen. Het vermoeden dat ten westen van de Razende Bol ooit een nederzetting is geweest, wordt versterkt doordat Dekker ook bij de PH-dijk stenen heeft gevonden. Nader onderzoek naar de geologische opbouw van het gebied en de zandwinningslocatie(s) is daarom volgens Niekus gewenst.

Duizenden en duizenden artikelen vond hij er. Musketkogels, munten, gespen, allerlei gebruiks- en andere voorwerpen

Dekker is om de paar dagen op De Hors te vinden. “Mijn kantoor noem ik het. Er blijven daar maar spullen komen. Afhankelijk van het tijd en de wind.” Duizenden en duizenden artikelen vond hij er. Musketkogels, munten, gespen, allerlei gebruiks- en andere voorwerpen, afkomstig van schepen die er ooit zijn gestrand. Waarover hij als amateurarcheoloog veel kennis heeft verzameld.

Onder zijn vondsten ook veel materiaal uit de Tweede Wereldoorlog. Onlangs groef hij samen met onder andere Hans Eelman de cockpit van een verongelukte Stirling BF 403 uit. “Eén bemanningslid ligt begraven in Den Burg, de andere zeven zijn vermist”, toont hij een foto van de bemanning. Op tafel de gesp van een parachute van een oorlogsvlieger.

Sinds enige tijd vindt hij er ook stenen werktuigen. Toen hij ze vorig jaar op de Dag van de Archeologie toonde, wekte dat onder meer de belangstelling van gemeentelijk archeoloog Michiel Bartels. Die stuurde een mail naar Marcel Niekus, waarna Dekker in april wat stenen naar hem opstuurde. De archeoloog rapporteert over de zending: “Hieronder bevonden zich enkele tientallen vuursteentjes, maar waaronder een duidelijke afslag en een groot fragment van een vuurstenen sikkel. Volgens de vinder zijn beide stukken afkomstig van de zuidelijke punt van Texel op ongeveer 15 meter van elkaar gevonden. Beide stukken zijn volgens de vinder niet afkomstig uit suppletiezand. Dit geldt wel voor tientallen, meest kleine, vuurstenen gedeponeerd bij de Prins Hendrikdijk; Paul refereert aan mogelijke ‘microlieten’. Deze zijn opgezogen 1-1,5 kilometer ten westen van De Razende Bol, net als de vondsten van Paal 9.

“Het betreft een nagenoeg complete – mogelijk ontbreekt distaal een klein stukje – afslag. De afslag is geslagen van een fijnkorrelige vuursteen; resten van fossieltjes zoals bryozoën zijn niet waargenomen. Een lichtere vlek met een iets grovere textuur is aanwezig. Naar alle waarschijnlijkheid betreft het vuursteen van primair noordelijke herkomst.

Niekus concludeert dat de afslag uit het Midden-Paleolithicum dateert

Niekus concludeert dat de afslag uit het Midden-Paleolithicum dateert. We kunnen de vondst op dit moment niet nader dateren dan tussen ca. 125.000 (begin Eemien) en 40.000 jaar geleden (uitsterven Neanderthaler). Een datering in een van de warmere fasen van de Weichsel-ijstijd (ruwweg tussen 80.000 en 50.000 jaar geleden) ligt het meest voor de hand. We kunnen een dergelijke ouderdom niet uitsluiten; in die periode lag Texel op de grens van land en Eemzee. Nader onderzoek naar de geologische opbouw van het gebied en de zandwinningslocatie(s) is gewenst.